Eva Ouwehand

Spiritualiteit is een belangrijke basis in mijn leven. Ik ben vrijzinnig hervormd opgevoed en later theologie gaan studeren in Groningen uit pure nieuwsgierigheid wat er allemaal te koop is in de wereld van de godsdiensten. In die tijd zoog ik als een spons kennis op, maar (buiten de studie) ook ervaring in boeddhistische meditatie en andere vormen van spiritualiteit.

Net als veel studiegenoten in die tijd voelde ik toen een grote afstand tot de kerk. Later ontdekte ik dat het niet om het instituut gaat maar om hoe mensen met elkaar hun geloof vormgeven en met elkaar meebouwen aan een wereld waarin voor ieder mens plaats is. De kerk kan daarvoor – als ze op haar best is – een instrument zijn en dat is ze ook regelmatig. Maar de kerk is ook een organisatie van gewone mensen met al hun talenten en onhebbelijkheden.

Deze meer realistische kijk motiveerde mij om de kerkelijke opleiding te gaan doen en dominee geworden en om meteen daarna in de psychiatrie aan de slag te gaan als geestelijk verzorger. Psychosegevoeligheid in de familie heeft aan deze keuze zeker bijgedragen. Van meet af aan was ik geïnteresseerd in het grensvlak tussen God en gekte. Van nabij weet ik dat religieuze ervaring een grote steun kan zijn in je leven, maar ook kan leiden tot verwijdering en isolement.

In mijn eigen spirituele ontwikkeling lopen twee rode draden: De een is een weg naar verinnerlijking, die ik vind in het praktiseren van meditatie (Vipassana), kloosterbezoek, gebed en in de natuur. De ander is een passie voor rechtvaardigheid. Juist voor marginale groepen kan de kerk van betekenis zijn door onvoorwaardelijke nabijheid, praktische hulp en ook oog voor waar recht geweld wordt aangedaan. Dit vind ik in de psychiatrie een onderschoven kindje – veel mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen zijn slecht behuisd, hebben weinig kans op een baan en leven soms erg geïsoleerd. Dan valt er soms weinig zin in het leven te ontdekken.

Religieuze en spirituele ervaringen van mensen die ook een psychiatrische diagnose hebben, interesseerden mij vanaf mijn studie. Die interesse werd versterkt door de verhalen die mij in mijn werk als geestelijk verzorger werden toevertrouwd. Ik vroeg me af hoe mensen daarmee verder leven als ze hersteld zijn. Hoe ze dan terugkijken, welke invloed ervaringen hebben die zij in een psychose of manie hebben meegemaakt, en of die invloed blijvend is.

Mijn werk als geestelijk verzorger is de motor achter het onderzoek dat ik gedaan heb. Het onderzoek is gevoed door de praktijk en met het project ‘Spiritualiteit in balans’ hoop ik dat het ook weer bij kan dragen aan de praktijk: meer ruimte voor spiritualiteit in de behandeling, als bron van hoop en waardering voor ieder mens in zijn of haar uniciteit.

Meer informatie over mijn achtergrond vind je op LinkedIn.